Achtergrond

De evolutie van peterschappen

Grafiek peterschappen 2016

Een kind dat gestudeerd heeft, kan zijn eigen toekomst scheppen en aan de vicieuze cirkel van armoede ontsnappen. Voor ons is naar school gaan vanzelfsprekend, maar in vele landen helemaal niet. Al 25 jaar tracht Cunina zoveel mogelijk kansarme kinderen toegang te geven tot kwalitatief onderwijs. En peterschappen zijn daar het ideale middel toe.

Die peterschappen zijn in 25 jaar danig geëvolueerd. Van collectieve peterschappen in de beginjaren, tot de hoogstpersoonlijke peterschappen van vandaag.

Voordat er sprake was van het eerste peterschapsdossier van Sabine De Vos op 1 januari 1993 steunde Cunina vooral collectief klasjes via projectwerking. Er werden o.a. didactisch materiaal en schoolbenodigdheden aangekocht in de eerste partnerlanden Haïti en de Filipijnen.

Tussen 1993 en 2005 kon Cunina met €25 (BEF 1.000) per maand minstens 4 kinderen per gezin naar school sturen. In totaal hielpen we zo 8.428 kinderen. Door de stijgende schoolkosten verlegde Cunina in 2006 haar focus echter naar persoonlijke peterschappen: 1 peetouder steunt het onderwijs van 1 petekind. Anno 2016 heeft Cunina al 13.753 kinderen op de schoolbanken gezet.

Een cijfer dat we nog spectaculair willen laten groeien, want er zijn nog miljoenen kinderen die geen of amper toegang hebben tot kwalitatief onderwijs.

Een blik in het verleden

Als we die kansarme kinderen echte, duurzame kansen willen blijven geven, is het interessant om eens even terug te kijken naar het verleden. Welke verhalen inspireren mensen hier bij ons om ook een relatie op te bouwen met een petekind? Dat proberen we te achterhalen aan de hand van significante groeimomenten.

We zien dat de persoonlijke verhalen van peetouders die hun petekind ontmoeten een grote impact hebben. Onze ambassadeurs toonden dit op TV en maakten in één beeld duidelijk hoe onderwijs de toekomst van een petekind positief kan beïnvloeden. De Telefacts-reportages met Nathalie Meskens en Luc Appermont, maar ook de verslagen van Sabine De Vos illustreren dit mooi.

Op kleinere schaal, maar minstens even belangrijk, zijn de getuigenissen van al onze andere peetouders. Het zijn vensters op een klein verhaal met een grote, menselijke impact. Want niet alleen het petekind geniet van de steun. Door zijn of haar ontwikkeling trekt ze haar hele familie mee in een positieve spiraal.

Een ander soort verhaal zijn de recente rampen in Haïti en Nepal. Hulp- en ontwikkelingsorganisaties komen dan dikwijls tegemoet aan een behoefte bij de mensen om solidair te zijn. Dat zulke rampen toch een trigger blijken te zijn om een peterschap aan te gaan, ondanks dat Cunina niet voorziet in noodhulp, kan zijn omdat een peterschap eerder een structurele hulp is met een lange-termijn aspect. Een kwalitatieve scholing en emancipatie van lokaal talent overstijgt dan acute noodhulp.

Dit artikel verscheen eerder in de Courant juni 2016.